Al op de eerste dag werd duidelijk dat de Vierdaagse ook voor hem een zware beproeving zou worden. Met iedere etappe kwamen er nieuwe blaren bij. Zijn voeten werden steeds pijnlijker en iedere stap kostte meer moeite.
Toch stond Wendy iedere nacht, voordat Stan weer aan de start verscheen, en iedere middag als hij vermoeid thuiskwam, klaar om zijn voeten met alle liefde en zorg te behandelen. Ze prikte zijn blaren deskundig door, verzorgde zijn wonden en zorgde ervoor dat hij de volgende dag weer op pad kon. Een zorg die voor haar pijnlijk vertrouwd is, omdat ze diezelfde handelingen al jarenlang dagelijks uitvoert bij hun dochter Yade.
Voor Stan kreeg de pijn daardoor een diepere betekenis. Natuurlijk zijn een paar dagen wandelen met blaren niet te vergelijken met de dagelijkse realiteit van mensen met de vlinderziekte. Maar voor het eerst voelde hij zelf hoe iedere stap pijn kan doen en hoeveel impact blaren en wondverzorging hebben. Het gaf hem een klein inkijkje in wat Yade en haar lotgenoten iedere dag opnieuw moeten doorstaan. Een besef dat hem diep raakte en hem alleen maar vastberadener maakte om de finish te halen.
En toen was daar dat onvergetelijke moment. Na vier loodzware dagen kwam de finish eindelijk in zicht. De ontlading was immens. Alle vermoeidheid, pijn en emoties vielen van hem af toen hij over de eindstreep kwam en zijn beide dochters in zijn armen kon sluiten.
Voor Yade was haar papa die dag de allergrootste held. Ze straalde van trots. Hij had niet alleen 200 kilometer gelopen, maar vooral laten zien hoeveel liefde een vader voor zijn dochter heeft. Een prestatie die hij volbracht voor haar, voor Dax en voor alle kinderen en volwassenen met de vlinderziekte. Een finish vol liefde, hoop en de wens dat er dankzij al die inspanningen ooit een behandeling komt waardoor geen enkel vlinderkind deze pijn meer hoeft te dragen.